De inlenersbeloning regelt dat uitzendkrachten dezelfde beloning ontvangen als vaste medewerkers die hetzelfde werk doen bij de opdrachtgever. Dit principe is wettelijk verankerd in de Waadi en uitgewerkt in de cao voor uitzendkrachten. In dit artikel leggen we uit wat de inlenersbeloning precies inhoudt, welke onderdelen eronder vallen en wat er verandert per 2026.
Wat is de inlenersbeloning?
De inlenersbeloning is het principe dat een uitzendkracht recht heeft op dezelfde beloning als een werknemer die rechtstreeks in dienst is bij de inlener en vergelijkbaar werk doet. Het doel: gelijk loon voor gelijk werk, ongeacht of iemand vast of via een uitzendbureau werkt.
De wettelijke basis hiervoor is artikel 8 van de Waadi. Dit artikel bevat het zogeheten loonverhoudingsvoorschrift: een ter beschikking gestelde arbeidskracht heeft recht op ten minste dezelfde arbeidsvoorwaarden als een vergelijkbare werknemer in dienst van de inlener.
De Europese Uitzendrichtlijn (2008/104/EG) ligt hieraan ten grondslag. Artikel 5 van deze richtlijn schrijft voor dat uitzendkrachten gelijk behandeld moeten worden wat betreft loon, arbeidstijd, overuren en vakantie.
Uit welke onderdelen bestaat de inlenersbeloning?
De cao voor uitzendkrachten (ABU/NBBU) werkt de inlenersbeloning uit in tien specifieke looncomponenten. Een uitzendkracht heeft recht op dezelfde waarde van deze elementen als een vergelijkbare vaste medewerker bij de opdrachtgever:
- Het periodesalaris in de schaal, inclusief de juiste inschaling conform het functieniveau bij de inlener
- ATV/ADV-dagen (arbeidstijdverkorting of arbeidsduurverkorting) per week, maand, jaar of periode
- Toeslagen voor onregelmatigheid en fysieke belasting zoals overwerk, weekendwerk, ploegendienst, hoge of lage temperaturen en vuil werk
- Initiële loonsverhoging op hetzelfde moment en met hetzelfde percentage als bij de inlener
- Kostenvergoedingen die netto (vrij van loonheffing) kunnen worden uitbetaald
- Periodieken volgens dezelfde timing en bedragen als bij de inlener
- Vergoeding voor reisuren of reistijd die verband houdt met het werk (tenzij deze al als werktijd worden aangemerkt)
- Eenmalige uitkeringen die de inlener aan eigen werknemers toekent
- Thuiswerkvergoedingen voor werk vanuit huis
- Vaste eindejaarsuitkeringen zoals een dertiende maand of kerstgratificatie
Wat valt er niet onder?
Niet alle arbeidsvoorwaarden vallen onder de inlenersbeloning. De volgende onderdelen worden apart geregeld in de cao voor uitzendkrachten:
- Vakantiedagen en vakantiegeld
- Pensioenregelingen
- Wachtdagcompensatie bij ziekte
Wat zegt artikel 8 van de Waadi?
Artikel 8 van de Waadi bevat het loonverhoudingsvoorschrift. De kern: een uitzendkracht heeft recht op dezelfde arbeidsvoorwaarden als een werknemer in een gelijke of gelijkwaardige functie bij de inlener.
Hoge Raad: loonbegrip breed uitgelegd
De Hoge Raad heeft in september 2024 verduidelijkt dat het loonbegrip in artikel 8 Waadi ruim moet worden uitgelegd. Dit volgt uit de Europese Uitzendrichtlijn. Onder loon vallen niet alleen het basissalaris en toeslagen, maar ook:
- Resultaatafhankelijke bonussen
- Prestatiegebonden bonussen
- Bedrijfsspecifieke bonussen en gratificaties
Dit betekent dat werkgevers hun beloningssystemen kritisch moeten beoordelen. Als vergelijkbare vaste medewerkers bonussen ontvangen, heeft de uitzendkracht daar in principe ook recht op.
Afwijking bij cao
Zowel de Europese Uitzendrichtlijn als de Waadi bieden ruimte om bij cao af te wijken van het loonverhoudingsvoorschrift. De ABU- en NBBU-cao’s maken gebruik van deze mogelijkheid. Zo kan het uitzendbureau gedurende een bepaalde periode een eigen beloningssysteem hanteren, mits dit een adequaat beschermingsniveau biedt.
Wie is verantwoordelijk voor de inlenersbeloning?
De verantwoordelijkheid voor de correcte toepassing van de inlenersbeloning ligt bij meerdere partijen:
Het uitzendbureau (uitlener)
Het uitzendbureau is als formeel werkgever verantwoordelijk voor de uitbetaling van het correcte loon. Het bureau moet de juiste inlenersbeloning vaststellen en toepassen op basis van de informatie die de inlener aanlevert.
De inlener (opdrachtgever)
De inlener moet het uitzendbureau voorzien van de juiste informatie over de geldende beloning voor vergelijkbare functies. Denk aan salarisschalen, toeslagen, vergoedingen en cao-bepalingen. Zonder deze informatie kan het uitzendbureau de inlenersbeloning niet correct toepassen.
De uitzendkracht
De uitzendkracht kan bij het uitzendbureau navragen of de inlenersbeloning correct wordt toegepast. Bij twijfel kan de uitzendkracht ook de ondernemingsraad van de inlener of een vakbond benaderen.
Wat verandert er per 2026?
Per 1 januari 2026 is de nieuwe cao voor uitzendkrachten in werking getreden. De belangrijkste verandering: de term inlenersbeloning verdwijnt en maakt plaats voor gelijkwaardige beloning.
Van tien elementen naar het totale pakket
| Inlenersbeloning (tot 2026) | Gelijkwaardige beloning (vanaf 2026) | |
|---|---|---|
| Scope | 10 afgebakende looncomponenten | Het volledige arbeidsvoorwaardenpakket |
| Aanpak | Elk element één-op-één gelijk | Totale waarde van het pakket moet gelijkwaardig zijn |
| Maatwerk | Standaard voor alle opdrachtgevers | Per opdrachtgever op basis van hun specifieke cao |
| Extra’s | Beperkt tot de 10 elementen | Inclusief o.a. extra vakantiedagen, scholing, fietsregelingen |
Wat betekent dit in de praktijk?
De overgang naar gelijkwaardige beloning heeft gevolgen voor zowel uitzendbureaus als inleners:
- Bredere scope: niet alleen loon, maar het complete pakket aan arbeidsvoorwaarden telt mee
- Meer administratie: inleners moeten uitgebreidere informatie aanleveren over al hun arbeidsvoorwaarden
- Hogere kosten: het totale pakket is doorgaans duurder dan de tien elementen van de inlenersbeloning
- Overgangsregeling: er geldt een overgangsperiode van zes maanden voor situaties waarin de uitzendkracht er op achteruit zou gaan
Inlenersbeloning en de WTTA
De Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (WTTA) zal de handhaving op correcte beloning van uitzendkrachten verder aanscherpen. Met de komst van het toelatingsstelsel en de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt (NAU) wordt strenger gecontroleerd of uitzendbureaus de beloningsregels naleven.
Niet-naleving van de beloningsregels kan gevolgen hebben voor de toelating. Dit maakt correcte toepassing van de (gelijkwaardige) beloning nog belangrijker.
Wat als de inlenersbeloning niet wordt nageleefd?
Als een uitzendbureau de inlenersbeloning niet correct toepast, kan de uitzendkracht het verschil terugvorderen. De Hoge Raad heeft bevestigd dat dit ook met terugwerkende kracht kan. Daarnaast kan de Nederlandse Arbeidsinspectie handhavend optreden bij overtredingen van artikel 8 Waadi.
Voor inleners geldt dat zij medeverantwoordelijk zijn. Wanneer een inlener onvoldoende of onjuiste informatie aanlevert over de geldende arbeidsvoorwaarden, kan dit ook voor de inlener gevolgen hebben.